Categorie: Culturen

A walk in the supermarket

Nadat wij naar Taiwan verhuisden, viel het me al snel op dat er hier werkelijk op elke straathoek een supermarkt te vinden is. Er zijn diverse ketens (PX mart/全聯, RT mart/大潤發, Carrefour/家樂福), maar ook veel losstaande zaken. Heel handig dus, altijd een supermarkt in de buurt. De ene supermarkt is echter de andere niet! Het principe van een supermarkt is uiteraard dat alle verschillende levensmiddelen (en meer) onder één dak te vinden zijn, maar wélke levensmiddelen dat zijn, verschilt blijkbaar enorm van winkel tot winkel en van land tot land.

Ik had de behoefte om de verschillen tussen een Nederlandse en een Taiwanese supermarkt te visualiseren (jaja, die bouwkundige beroepsdeformatie zit er blijkbaar nog steeds in). Ik ga jullie dus deze keer vermoeien/vermaken met twee tekeningen die mijn beleving van de supermarkt weergeven!

De Nederlandse supermarkt gezien door de ogen van een Taiwanees

Sommige dingen zijn natuurlijk inkoppers: waar je in Nederland bij binnenkomst al tegen de piepers opbotst, is de Taiwanese supermarkt volgestouwd met rijst. De kleinste verpakking die je na goed zoeken kunt vinden, is 1,5 kg. De grootste… Ik weet het niet eens. Ik denk dat we er in Nederland in een jaar nog niet doorheen zouden zijn. Daarnaast zijn er hier uiteraard naast vlees (kippen en varkens uit Taiwan, koeien uit Australië of Amerika) ook veel vis en schaal- en schelpdieren te krijgen.

Maar naast de voor de hand liggende verschillen, ben ik vooral veel dingen tegengekomen die ik nooit eerder bedacht had. Zo mis ik het Nederlandse brood enorm. Een volkoren boterham die je maag vult, of gewoon een lekker broodje hagelslag… Mmm! In het begin heb ik hier diverse malen de fout gemaakt te denken dat ik lekker brood gevonden had. Dan nam ik een hap… En beet ik in een niet nader te definiëren vulling. Niet zo mmm! Bovendien is al het brood hier wit én precies niet te krijgen rond ontbijt- of lunchtijd. Het is namelijk voor de Taiwanees geen maaltijd, maar meer een snack.

In de Taiwanese supermarkt, maar ook bijvoorbeeld bij de drogist, is er een in mijn ogen bizarre hoeveelheid shampoo te verkrijgen, maar nauwelijks deodorant. Taiwanezen zijn geobsedeerd door hun haar en vrijwel niemand heeft zijn/haar eigen natuurlijke haarkleur. Bruin is favoriet, maar ook een rode, blauwe of blonde glans doen het goed. Oók bij mannen. En inmiddels ben ik gaan geloven dat wij Nederlanders meer zweten dan Taiwanezen, want ondanks dat er maar weinig deo te koop is, kom ik zelden een ‘stinkende’ Taiwanees of een Taiwanees met zweetplekken tegen. Zelfs niet na het sporten.

Wat me overigens ook verbaast in de Taiwanese supermarkt is de ordening, of het gebrek daaraan. Voor een deel heeft dat te maken met aanbiedingen: wat in de aanbieding is, verhuist naar een plek die schreeuwt om aandacht. Kijk mij in de aanbieding zijn! Ik weet dat we dit in Nederland ook doen door producten op de kop van een gangpad te plaatsen, maar dat is héél subtiel in vergelijking met de Taiwanese methode. Daarnaast verhuizen producten hier ook heel vaak van plek en sowieso hebben ze niet één plek, maar meerdere, met name groente en fruit. Hier wat komkommers, daar nog wat meer van dezelfde komkommers, verderop de nog wat grotere komkommers… Het is elke keer weer een speurtocht.

Ook de schappen voor snacks en snoep verschillen hier erg van de Nederlandse. Taiwanezen houden van gedroogd voedsel (want lang houdbaar?): vlees/jerky, fruit, visjes tussen de pinda’s of gedroogde vissnoepjes. Taiwanese ouders zijn heel huiverig om hun kinderen een zoet snoepje te geven, maar koekjes krijgen ze aan de lopende band. En de snoepjes krijgen ze alsnog van oma op straat. Die haat-/liefdeverhouding met snoep voelt voor mij heel onnatuurlijk, te meer nog daar vooral in Tainan vrijwel al het eten zoet is en er bijvoorbeeld zelfs aan verse fruitsappen als je niet op tijd ingrijpt nog wat lepels suiker toegevoegd worden. En om nog even op het brood terug te komen: ik dacht laatst lekkere knoflookbruschetta’s gevonden te hebben, nam een hap en de suiker kwam nog net niet mijn neus uit. Iew!

De Taiwanese supermarkt gezien door de ogen van een Nederlander

Taiwan is niet zo multicultureel als Nederland. Er wonen weliswaar circa 800.000 buitenlanders, maar meer dan 90% hiervan komt uit Zuidoost Azië. Dit gegeven wordt ook weerspiegeld in de supermarkt: waar in Nederland de buitenlandse producten inmiddels verspreid liggen door de hele supermarkt, heeft een Taiwanese supermarkt vaak één gangpad met import, gerangschikt op land. Populair zijn Thailand, Indonesië, Japan, Frankrijk en Italië. Dit gangpad sla ik dus nooit over! Na twee jaar zijn er echter nog diverse paden die ik wel oversla, omdat ik geen idee heb wat daar in de pakjes en zakjes zit of hoe ik het moet gebruiken. In het begin probeerde ik de etiketten nog te lezen/vertalen, maar dat kostte me zo veel tijd, dat ik het maar bij de bekende weg houd nu.

Tenslotte is er nog één ding dat hier ook echt niet onvermeld mag blijven: doordat zoveel Taiwanezen een huisdier nemen ter vervanging van een kind, zien de dierenwinkels er hier ook uit als supermarkt. Zowel qua grootte als qua assortiment doen ze niet onder voor hun menselijke tegenhanger. Maar het zal misschien duidelijk zijn dat ik al genoeg moeite heb om in de gewone supermarkt mijn boodschappen te vinden, ik ben dus blij dat ik deze dierensupermarkt over kan slaan!

Huiswerk!

Het lijkt erop dat de meeste kinderen in Nederland binnenkort eindelijk weer naar school mogen. Dat betekent dan ook weer de start van het reguliere huiswerk. Ik heb begrepen dat ook online huiswerk gemaakt werd, of is het zo dat al het schoolwerk nu huiswerk … Lees verder Huiswerk!

Subjectieve perspectieven

Hoe langer ik in Taiwan woon, hoe meer ik besef hoeveel verschillende meningen, vragen en oplossingen er zijn voor één en dezelfde situatie. Waar ik eerst nog dacht dat buitenlander zijn of juist local de belangrijkste verklaring is voor deze verschillen, kom ik er meer en meer achter dat dit veel genuanceerder ligt.

Zo namen we onlangs weer eens afscheid van twee ASML-collega’s die inmiddels veilig en Coronavrij teruggekeerd zijn naar Nederland. Op het strand spraken we over onze ervaringen, onder andere over de verschillen in opvoeding tussen Taiwanese en Nederlandse kinderen. Wanneer ik met Floris en Felix op stap ben, ben ik ze regelmatig kwijt. De wereld moet ontdekt worden, een trap is er om beklommen te worden en die deur kan open (ja, ook als dan het alarm afgaat). Taiwanese kinderen daarentegen zitten in mijn ogen altijd braaf stil.

Maar wat blijkt? Lang niet iedereen ervaart dat zo. Sommige buitenlanders vinden de Taiwanese kinderen juist slecht gemanierd, te verwend of hoe je het wil noemen. Misschien komt het doordat je je eerder bezwaard voelt als je zelf in jouw ogen luidruchtige kinderen bij je hebt? Of doordat Taiwanezen hun kinderen graag stil houden door ze een snoepje in de mond te geven, een methode waar ik erg op tegen ben? Hoe het ook zij, uiteindelijk is elk kind natuurlijk uniek, daar kan geen opvoeding of cultuur verandering in aanbrengen!

Een heel ander onderwerp waar perspectief een grote rol speelt, is het nieuws. Ik volg het (Taiwanese) nieuws hier voornamelijk via Engelstalige nieuwssites. Daarover heb ik inmiddels twee dingen geleerd: 1. De redacties van deze sites zijn alle gehuisvest in Taipei en 2. De doelgroep van deze sites zijn voornamelijk Aziatische “migrant workers”. Dit betekent nogal iets voor het perspectief van waaruit het nieuws gebracht wordt.

Voor wat betreft ontdekking 1: het perspectief van verslaggevers is erg ‘grootstedelijk’, vergelijkbaar met de situatie van Amsterdam in Nederland. Oftewel: wanneer er nieuws is uit Taipei, wordt de locatie daar tot in detail bij vermeld, soms zelfs tot op het niveau van de straatnaam. Is er echter nieuws uit (bijvoorbeeld) Tainan, dan wordt er gesproken over ‘ergens in het zuiden van Taiwan’.

Wat ontdekking 2 betreft betekent dit vanzelfsprekend dat het nieuws geselecteerd wordt op nieuwswaarde specifiek voor migrant workers. Zo is er relatief veel nieuws over bijvoorbeeld visa en openbaar vervoer en relatief weinig nieuws over landen buiten Azië. Overigens staat het nieuws ook vol met informatie over de beurs en aandelen, dat kan ik nog steeds niet helemaal plaatsen (weet iemand wel waarom dit zo is?).

En nog even over die migrant worker. Wat is eigenlijk het verschil tussen een migrant worker en een expat? Vanuit mijn perspectief zijn het beiden buitenlanders die naar Taiwan (of een ander land uiteraard) komen voor werk. Ik dacht tot voor kort dat het verschil is, dat een expat gestuurd wordt door zijn werkgever, terwijl een migrant worker zelf besluit in het buitenland op zoek te gaan naar een baan. Maar hoe meer ik erover opzoek, hoe minder ik hiervan overtuigd ben.

Zo vond ik deze column. De schrijver, Mawuna Koutonin, beweert dat de titel “expat” slechts voorbehouden is aan (blanke) Europeanen, zodat zij zich “boven de rest” kunnen plaatsen. De rest van de wereld, de “inferieure rassen”, zijn “immigrant”. Nu heb ik inmiddels wat meer columns van zijn hand gelezen en, hoe zal ik het zeggen, hij drukt zich graag uit in extremen. Aan de andere kant, ik vond ook dit artikel. Geschreven vanuit een ander perspectief, maar grotendeels gebruik makend van dezelfde bronnen, waaronder The Guardian. In dit artikel wordt Mawuna zelfs letterlijk geciteerd. En ook hier is de conclusie: de termen kennen hun oorsprong in de tijd van kolonies en blanke overheersing/suprematie.

Het artikel dat ik net noemde, gebruikt een interessante grafiek van linguisticpulse.com, zie hieronder. Deze website heeft onderzoek gedaan naar bijvoeglijke naamwoorden die relatief vaak voorkomen in de nabijheid van respectievelijk de woorden “expat” en “immigrant”. Dit overigens naar aanleiding van het artikel van Mawuna, dat blijkbaar veel heeft losgemaakt. En ja hoor, ook hieruit blijkt weer dat de termen wel degelijk een onderliggende associatie hebben met ras, sociale klasse en rijkdom.

Daarnaast bevat het bijbehorende artikel echter een interessante paragraaf, die mij juist tot immigrant zou maken: “It is expected that expats will maintain ties with their countries of origin (ok, dat doe ik), often travelling back and forth between new and old homes (dat doe ik niet, maar ja, wie doet dat tegenwoordig nog wel?) Many expats will not learn the language of the host country or at least not learn it well (oeps, dat heb ik wel gedaan). They often avoid and remain ignorant of the foods, the traditions, and the people of the country they now live in (o jee, toch te weinig aan ‘social distancing’ gedaan). Instead, local governments and business people often have strong incentive to cater to elite expats’ desire for communities that are largely separate from the rest of the host country (hier in Taiwan lijkt het alsof ASML een Taiwanees bedrijf is, zonder ook maar enige aandacht voor bijvoorbeeld Nederlandse feestdagen of cultuur. Een expat community is er in Tainan al helemaal niet).”

Zo leer ik weer een hoop. Maar om met iets luchtigers af te sluiten: gezien vanuit het perspectief van de ouderen geldt hier: zolang je nog in staat bent om je eigen scooter te vinden, ben je ook in staat om erop te rijden! Ik houd elke keer mijn hart weer vast bij het zien van de oudjes, waarmee ik tegenwoordig vrijwilligerswerk doe. Ze strompelen de activiteitenzaal binnen, maar verlaten het terrein wel per scooter!

Bezweken onder de druk van het systeem

‘Twee studenten in Tainan overleden door zelfdoding’, was hier onlangs in het nieuws. Maar groot nieuws is het helaas al lang niet meer. Zelfdoding onder scholieren en studenten komt hier vaak voor, net zoals in vele andere Aziatisch landen. De druk om te presteren is hier zo enorm groot, dat studenten het vaak simpelweg niet meer trekken en geen andere uitweg meer zien dan uit het leven te stappen.

Ik ben hier natuurlijk niet lang genoeg om volledig te kunnen begrijpen hoe de samenleving van Taiwan in elkaar zit. Maar op het gebied van onderwijs heb ik inmiddels een aantal dingen meegemaakt en gezien en helaas stemmen mij die over het algemeen niet vrolijk. Uiteraard zal het verschil in cultuur hierin een rol spelen, maar het lijkt er op dat hoe langer hoe meer Taiwanezen ook tegen het systeem in opstand komen.

Veel Taiwanese gezinnen bestaan uit moeder, vader en één kind. Voor zover ik weet is de éénkindpolitiek hier nooit doorgevoerd, dus daar ligt het niet aan. Dat er niet meer kinderen komen, komt vaak doordat ouders daar geen geld en/of tijd voor hebben. Een groot deel van de tijd gaat op aan heel hard werken. En dan is er nog een ander fenomeen: steeds meer gezinnen bestaan uit moeder, vader en huisdier. Want een huisdier is nu eenmaal goedkoper en vraagt (relatief) minder aandacht. Vaak is dit huisdier een hond, die vervolgens als een heuse baby in een ‘kinderwagen’ overal naartoe gereden wordt!

Maar terug naar de kinderen. Of beter gezegd: terug naar dat ene kind. Dat betekent één kans op een mooie toekomst. En dus projecteren Taiwanese ouders al hun hoop, verwachtingen en dromen op dat kind. Met als gevolg dat het kind al van jongs af aan moet presteren. Niet alleen tijdens de reguliere schooltijd, die al vanaf het begin gevuld wordt met les in onder andere Chinese karakters, rekenen en Engels (zo kreeg Felix met zijn nét twee jaar oud al huiswerk mee en kan hij sommige karakters al lezen). Maar ook ná de reguliere schooltijd, wanneer vrijwel elk Taiwanees kind naar extra lessen muziek, Engels of sport gestuurd wordt. Er bestaan hiervoor speciale klassen/scholen: 補習班, bǔxíbān. Vaak bepalen de ouders ook welke vervolgstudie het meest ‘geschikt’ is voor hun kind.

Welke les het ook is, steeds wordt het kind gestimuleerd de maximale score te halen. Een hoog cijfer is niet goed genoeg, het moet perfect zijn. Dit is in grote delen van Azië hoe het werkt, getuige ook de cartoon die ik laatst vond van de hand van een Chinese dame die ook veel tijd doorbracht in Europa en Amerika (zie hieronder). Vaak ook worden de resultaten van alle studenten op score gerangschikt en weet je dus de ‘nummer hoeveel’ van je klas je bent. Zo is dus niet het cijfer belangrijk, maar je positie ten opzichte van de rest!

Geen 100 procent score…

Wat opvalt is dat discipline en volhardendheid hier vaak belangrijker gevonden worden dan talent. Met andere woorden: als je er maar genoeg tijd in stopt, kun je alles leren. En dat is dus wat veel Taiwanese kinderen (moeten) doen. De resultaten liegen er over het algemeen niet om, veel Taiwanezen zijn hoogopgeleid en internationaal gezien scoren de onderwijsresultaten hoog. Kleine kanttekening: deze resultaten bestaan puur uit cijfers, examenresultaten etc. En zeggen dus weinig over bijvoorbeeld de daadwerkelijke vaardigheden van een student.

De prijs die voor deze resultaten betaald wordt is in mijn westerse ogen veel te hoog. Waar is de tijd dat kinderen buiten kunnen spelen? Even niks hoeven en uit kunnen rusten? Sociale vaardigheden leren? Of simpelweg hun eigen talenten en interesses mogen ontdekken? Daarnaast is er nog een tweede, meer praktisch probleem: er zijn inmiddels zoveel hoog opgeleide Taiwanezen, dat het aantal banen op niveau hier ver bij achter blijft. In de praktijk hebben vele Taiwanezen dus een baan die niet past bij hun opleidingsniveau. Nu is dit niet per definitie een probleem, maar je kunt je de teleurstelling voorstellen wanneer je na jaren van keihard studeren genoegen moet nemen met een baan die je niet voor ogen had.

Maar dat gaat tenminste nog over die Taiwanezen die het redden tot het einde van hun studie en die überhaupt een baan vinden. Want een aantal studenten zal de arbeidsmarkt helemaal nooit betreden: ze plegen voortijdig zelfmoord. De druk wordt te hoog, de studie te moeilijk, of het humeur van de ouders te slecht. Deze studenten vinden dat ze falen en zien geen andere uitweg dan een einde te maken aan hun leven.

Ik heb geprobeerd concrete cijfers te vinden over de situatie hier, maar dat is me helaas niet gelukt. Voor wie geïnteresseerd is in meer heb ik wel een aantal andere bronnen:

Drie Taiwanese studenten in gesprek met elkaar

Een vader die zich afvraagt of zijn dochter naar een Taiwanese of een Britse school zal gaan

En niet te vergeten de Netflix-serie ‘你的孩子不是你的孩子’, ook te vinden onder de Engelse titel ‘On children’. Ik heb zelf tot nu toe de eerste twee van in totaal zes delen gekeken en het maakte me echt een beetje verdrietig…

Taiwan, wat weet jij ervan?

Het zit erop, geen Chinese lessen meer voor mij! Nu begint het praktijkgedeelte: hoe goed begrijpen de Taiwanezen op straat mij nu en hoe goed begrijp ik hen? Maar behalve de taal zijn er voor mij nog steeds veel dingen moeilijk te volgen hier in Taiwan. Daarom hierbij een test: begrijpen jullie Taiwan inmiddels wel?


1. Wanneer een Taiwanees iets nieuws koopt…

A. … laat hij dit zo lang mogelijk in het plastic zitten, zelfs wanneer hij het al in gebruik heeft genomen. Niet alleen voor de hand liggende dingen als koekjes en snoepjes, maar ook de nieuwe lamp aan de muur of het whiteboard in het klaslokaal.

B. … stalt hij dit op een goed zichtbare plek uit. Taiwan maakt een snelle ontwikkeling door en als je het je kunt veroorloven moderne, dure dingen te kopen, wil je dat aan iedereen laten zien! En daarna ook met iedereen delen.

C. … neemt hij het eerst mee naar de tempel om de zegen van goden en voorouders te krijgen. Krijgt hij die zegen niet, dan zal hij de spullen ruilen of weggeven. Toch gebruiken brengt namelijk ongeluk.


2. Hoe smaakt het gerecht op de foto?

A. Zoet, het is een dessert met witte chocolade en caramel.

B. Zout, het is een bijgerecht met onder andere ei en tofu.

C. Heet, het is een voorgerecht met tofu en rode pepers.


3. Wat is de ergste straf die je kunt krijgen wanneer je fout parkeert in de garage van ASML?

A. Je naam + je daad worden binnen het hele bedrijf gecommuniceerd. Het is een schande wat je gedaan hebt!

B. Je recht op een parkeerplek wordt je voor een maand afgenomen. Zo moet je buiten de garage parkeren en heb je tijdens het lopen naar kantoor tijd om je zonde te overdenken.

C. Je moet bij je leidinggevende langskomen en die legt je nog eens in detail uit wat de spelregels van parkeren zijn. Aangezien hij hoger staat in de hiërarchie luister je sowieso naar hem.


4. Welk produkt is in Taiwan niet te koop?

A. Zure matten (snoep). Die nostalgie moet je toch echt in Nederland zoeken.

B. Stroopwafels. Echt iets om naar uit te kijken wanneer we weer naar Nederland gaan!

C. Wattenschijfjes. Het heeft geen zin om te zoeken naar een ronde verpakking, want daar doen ze hier niet aan.


5. Wat bedoelen ze in Taiwan met een ‘payment receipt’?

A. Een ‘payment receipt’ natuurlijk. Dat wil zeggen een bewijs dat je betaald hebt.

B. Een ‘payment reminder’. Een vriendelijk doch dringend verzoek om nu echt eens die rekening te betalen.

C. Een ‘invoice’. Dat wil zeggen dat je nog moet betalen.


6. Nog een vraag in de categorie ‘betalingen’. Puur hypothetisch: stel, je koopt een scooter, maar je betaalt per ongeluk de bijbehorende maandelijkse kosten voor de batterij niet. Dan…

A. … krijg je na een maand een ‘payment reminder’. Na twee maanden krijg je de volgende. Na drie maanden stoppen ze je abonnement, zodat je niet meer verder kunt rijden. Gelukkig kun je dit na betalen van een boete weer ongedaan maken.

B. … gebeurt er een jaar lang niks. Na een jaar krijg je bij het verwisselen van de batterij een melding dat het nu echt wel eens tijd wordt om te betalen. Wanneer je dan 12 maanden in één keer betaalt, kun je weer probleemloos verder rijden.

C. … gebeurt er niks. Je rijdt gewoon lekker door, maar voelt je wel schuldig dus besluit toch maar na te gaan waar het mis gegaan is.


7. Wat kun je hier mee het stadion innemen wanneer je naar een honkbalwedstrijd gaat kijken?

A. Niks. Er wordt heel streng gecontroleerd.

B. Eten en drinken. Dat mag je in Taiwan vrijwel overal mee naar binnen nemen, zelfs wanneer je bijvoorbeeld een restaurant binnen gaat.

C. Een enorme ventilator, want het kan heet zijn op de tribune!


8. Wat was dit jaar in Taiwan een enorm populair vaderdagcadeau?

A. Een vlucht in een Hello Kitty-vliegtuig naar nergens. Gewoon om in Corona-tijden de vliegervaring weer eens mee te kunnen maken, kon je inchecken, opstijgen en weer op dezelfde plek landen.

B. Een pakket met matchende t-shirts voor het hele gezien, zodat iedereen kan zien welke fantastische familie bij jou hoort!

C. Een georganiseerde groepsreis voor papa’s plus familie naar een aantal hotspots in Taiwan, om ondanks de Corona toch weer een beetje het reisgevoel te krijgen.


9. In Taiwan kun je in elke 7-eleven (convenience store)…

A. … eten en drinken kopen, slapen, tickets voor o.a. de trein en sportwedstrijden kopen, vaste lasten betalen.

B. … geld pinnen, naar het toilet gaan, mondkapjes bestellen en ophalen, een taxi bestellen.

C. … toiletartikelen kopen, pakjes ophalen, een telefoonabonnement afsluiten, kopiëren.


10. Waaraan kan ik merken dat ik Taiwanees begin te worden?

A. Ik vind rijst en noodles als ontbijt gewoon en kijk vreemd op wanneer er opeens boterhammen op mijn bord liggen.

B. Iemand uit Nederland vraagt me of er nog bijzonderheden zijn en ik vergeet te vertellen dat er diezelfde dag 6 aardbevingen hebben plaatsgevonden in Tainan.

C. Ik haal links en rechts in en verleen geen voorrang meer aan voetgangers.


En dan hier: de antwoorden. Mocht je interesse hebben in het achterliggende verhaal, laat dan vooral een berichtje achter!

1A 2B 3A 4C 5C 6B 7BC 8A 9A 10B

Zeg mondkapje, waar ga je hene?

Inmiddels zijn we hier al 55 dagen zonder nieuwe Coronabesmettingen en liggen er nog slechts 7 besmette personen in het ziekenhuis. Langzaamaan beginnen landen hun grenzen weer open te stellen voor buitenlanders, maar Taiwan is hier vrijwel nooit bij. Dat blijft toch politiek te ingewikkeld?

Hoe het ook zij, Taiwan is al een tijdje terug een charmeoffensief begonnen richting de rest van de wereld, met de boodschap ‘Health for all, Taiwan can help’. Een belangrijk onderdeel hiervan is het leveren van mondkapjes aan het buitenland. Omdat Taiwan de ernst van de situatie al heel vroeg inzag, is de productie van mondkapjes (口罩)hier al snel opgeschaald. Met als gevolg dat er hier nooit een tekort geweest is en er al snel ook mondkapjes aan het buitenland geleverd konden worden.

Sinds kort zijn we weer een stap verder: er is tijd voor leuke designs op de ‘standaard’ mondkapjes. En dat blijkt buitengewoon interessant voor de mondkapjesminnende Taiwanees: zowel online als in de fysieke winkels waren deze binnen enkele minuten uitverkocht. Toegegeven, ze zijn grappig. Maar om nu in de rij te gaan staan voor een fashionable wegwerpartikel? Ik begrijp het niet. Lekker dicht op elkaar in de rij staan, om iets te kopen dat besmettingen moet voorkomen, terwijl je dat ook kunt voorkomen door niet te dicht op elkaar te gaan staan…?

Overigens verandert het beleid voor het kopen en ophalen van mondkapjes hier voortdurend. Konden we eerst alleen maar naar de apotheek, waarbij het eindcijfer van je verzekering bepaalde op welke dagen je kon gaan (oftewel: Wouter en ik niet tegelijk), tegenwoordig kun je ook bij een convenience store vooruit bestellen. Al is ons dat tot nu toe niet gelukt, want ook daarvoor gelden weer allerlei regels die wij blijkbaar niet goed toepassen!

Het lijkt er gelukkig op, dat de maatregelen snel versoepeld zullen worden en mondkapjes worden nu al op steeds minder plekken verplicht gesteld. Op de universiteit geldt de verplichting nog wel, maar de praktijk is inmiddels dat je het kapje één minuut opzet zodat je het gebouw in mag, om het vervolgens weer in je tas op te bergen voor de volgende dag.

Hoe het ook zij, gelukkig lijkt de Corona-situatie hier onder controle en het lijkt erop dat dat op steeds meer plekken zo is. Nu dus maar hopen dat we op korte termijn alsnog ons bezoek aan Nederland kunnen gaan plannen!

Van die kleine dingen…

Terwijl de wereld in de ban is van “dat ene grote ding”, blijven mij hier in Taiwan een heleboel kleine dingen opvallen. Inmiddels zijn we al over de helft van ons verblijf hier (althans, dat denken we!), maar nog steeds voel ik me vaak toeschouwer. Of misschien is ‘observeerder’ wel een betere term. Ik zie kleine dingen en maak kleine dingen mee die voor een Taiwanees heel vanzelfsprekend zijn, maar die mij nog steeds verbazen.

Bijvoorbeeld: het is vrijdagmiddag, iedereen heeft hard gewerkt en/of gestudeerd, tijd voor ontspanning dus. Als Nederlander denk ik dan: tijd voor een lekker drankje, met vrienden op een terras of in de kroeg. Maar dat gaat hier zomaar niet. Een Taiwanese kroeg, als je er al één vindt hier in Tainan, opent haar deuren pas om 22u. Of beter gezegd: de deur is vaak wel open, maar de kroeg is dan nog een (alcoholloos) restaurantje. Wat drinken voor ons is, is eten voor de Taiwanees. Waar wij prima wat kunnen drinken zonder te eten, kan een Taiwanees prima iets eten zonder te drinken.

En over eten gesproken: friet/patat is hier een ontbijt. Talloze ontbijt-/lunch-/brunchtentjes serveren een hamburger met friet. Lang niet zo lekker als een echte ‘westerse’ hamburger, maar het wordt hier wel verkocht. Maar o wee, mocht je na 14.00u zin hebben in dergelijk eten, dan sta je hier letterlijk voor een dichte deur!

IMG-20200330-WA0003
Floris past zich goed aan aan de omgeving

 

Wat dan wel weer erg fijn is: de ongelofelijk lage prijzen van eten en drinken hier. Ik schreef er al eerder over, maar het blijft me regelmatig verbazen. En het allerfijnste: je wordt niet bedonderd. Ook wanneer je naar een pretpark of een dierentuin gaat, zijn de prijzen daar binnen laag. Geen verdriedubbeling omdat ze weten dat er geen alternatieven zijn, nee, gewoon dezelfde prijs als ‘buiten’.

Waar ik ook al eerder over schreef, is het verkeer hier. Ik blijf me minimaal één keer per week verbazen aan het gebrek aan ruimtelijk inzicht/respect voor fietsers/geduld van automobilisten. Ik weet nog steeds niet zeker welke van deze drie de echte veroorzaker is van het feit dat ik regelmatig doodsangsten uitsta, omdat de auto links naast mij besluit rechtsaf te slaan zonder rekening met mij te houden. Alsof ik niet besta en vaak ook zonder richting aan te geven komt de auto naar rechts. Tot nu toe heb ik steeds uit kunnen wijken, kunnen remmen of soms besefte de bestuurder alsnog dat hij toch niet door me heen kon. Maar er komt een keer dat dit fout gaat…

Wél een welkome aanvulling op het verkeer is onze roze vriend de Gogoro. Wouter gaat er tegenwoordig regelmatig mee naar zijn werk (hij werkt nu overigens vanwege de Corona grotendeels thuis), Floris wordt er graag op naar school gebracht en ook ik maak inmiddels soms een ritje. En het humeur van de Gogoro is een stuk beter dan dat van mij op de fiets: hij zingt ‘happy birthday’ voor je op de dag dat je jarig bent!

Er is tenslotte nog één ‘dingetje’, dat voor Taiwanezen niets voorstelt, maar voor mij een kwelling is: rijen. Voor een Taiwanees is in de rij staan net zoiets als naar het toilet gaan: het hoort erbij. In de rij staan voor het toilet dus ook. Of voor de lunch. Voor het kopen van mondkapjes. De Corona-temperatuurcheck. Een Taiwanees pakt zijn telefoon, kijkt een filmpje, checkt Instagram en wacht geduldig af. Bij mij gebeurt er echter iets heel anders: ik krijg allemaal ideeën om dergelijke processen te verbeteren en daarmee de rijen te beperken. Maar de grap is: dat wil een Taiwanees helemaal niet! Wachten hoort er gewoon bij. Ik oefen dus maar met wachten op de dag dat een Taiwanees mijn geniale ideeën wil horen…

 

 

 

 

De eerste keer dat…

Na ongeveer (weetje: één van de vele Chinese vertalingen voor ‘ongeveer’ is 左右 oftewel ‘linksrechts’) een half jaar Taiwan zou je kunnen verwachten dat de ‘eerste keren’ zo langzaamaan opdrogen. Voor mijn gevoel is niets echter minder waar. Wat overigens gelukkig inmiddels wel weer opgedroogd is, is het weer. Het begint hier eindelijk weer droog en behaaglijk te worden, maar dat terzijde.

Na een half jaar was daar voor ons de eerste ‘vakantie naar Nederland’. Floris telde met zijn aftelkalender de nachtjes slapen af en wij telden stiekem wel een beetje mee. In Nederland voelde het vertrouwd, gezellig, druk en toch ook wel wat koud. Twee weken zijn natuurlijk veel te kort om iedereen weer te zien en bij te praten, maar we hebben toch genoeg Nederland opgesnoven om er weer een tijdje tegenaan te kunnen! De kruidnoten (dit jaar kwam het ons wel goed uit dat die zo belachelijk vroeg in de winkels liggen!), stroopwafels en hagelslag die mee zijn gegaan in onze koffers helpen daar ook goed bij.

Voor Floris is het niet meer nodig om Nederlandse lekkernijen mee terug naar Taiwan te nemen. De eerste keer dat ik hem in het Chinees om koekjes hoorde vragen heeft inmiddels plaatsgevonden en er volgden nog vele keren daarna. Omdat de Taiwanezen het maar al te schattig vinden dat dat blonde jongetje Chinees praat, heeft zijn vraag ook vaak het beoogde resultaat. En leg dan nog maar eens uit dat we toch echt eerst gaan eten voordat die hele zak met koekjes/chips/popcorn aangebroken wordt!

Dat mijn eigen Chinees gelukkig ook weer een stuk vooruit is gegaan bleek uit de eerste keer dat ik een Chinese winkeleigenares beter begreep in het Chinees dan in het Engels. Ze bleef maar herhalen wat de prijs van mijn lunch was, totdat ze in de gaten kreeg dat ik haar niet verstond… En ze van Chinengels overging op Chinees en ik haar wel begreep.

Een eerste keer in de categorie ‘taal’ die ik nooit heb zien aankomen was het vertalen van een woord van het Frans naar het Chinees. Het is voor mij toch wel een verrassing hoe veel mensen nog steeds geen Engels spreken, ook jongeren niet. Daardoor voer ik bijna geen enkel gesprek in één taal en vaak ook wordt een gesprek een soort van kringgesprek: iemand begint in een bepaalde taal en totdat iedereen begrijpt wat er bedoeld wordt, zijn we zo’n vier talen verder. Het valt me op dat ik de neiging heb om woorden die ik in het Chinees niet weet, in het Spaans te zeggen. Blijkbaar zit de taal die ik voor ik naar Taiwan kwam als laatste geleerd heb, toch nog ergens vooraan in mijn geheugen!

Naast taal leer ik op de universiteit ook andere dingen. Vorig kwartaal was dat kalligraferen, dit kwartaal heb ik gekozen voor ‘Chinese painting’. Ondanks dat ik geen talent heb voor schilderen, is het leuk om te zien dat je met de juiste instructies toch best wat leuks op papier kunt zetten. Mijn leraar (= 老師 = laoshi) is een man van in de 80, een bijzonder vreemde man met een groot talent. Wanneer je googelt op ‘張志強 國畫’ vind je een aantal foto’s en filmpjes van zijn werk. De eerste keer ‘Chinese bloemetjes’ schilderen gaf bij mij het resultaat op de foto rechts.

Komende week staat voor mij in het teken van de ‘midterm exams’. Braaf studeren dus nu, want ik wil de eerste keer dat ik een test niet haal graag voorkomen!

 

Het eten is klaar!

Taiwan staat bekend om haar lekkere gerechten. Maar ze hebben hier óók veel delicatessen die ik liever maar één keer eet. Gewoon, om te kunnen zeggen dat ik het gegeten heb. Denk aan rijstcake van varkensbloed, kippenpoten (ja, echt de poten inclusief zwemvliezen), of de befaamde stinky tofu. Er zijn genoeg andere lekkernijen om uit te kiezen die toch wat dichter bij mijn westerse voorkeuren liggen. Maar ja, hoe te bestellen met mijn vocabulaire na slechts drie weken Chinese les?

Eén van de manieren blijkt het volgen van het keuzevak ‘conversatie’. In les 1 heb ik geleerd mijn drankjes in het Chinees te bestellen, na les 2 kan ik eindelijk ook wat eetgerelateerde woorden herkennen. Ik weet nu waar ik naar moet zoeken om kip of rund op mijn bord te krijgen. Zie hieronder mijn schrijfhuiswerk. Eén portie stinky tofu voor degene die me vertelt wat ik daar besteld heb!

Een tweede manier is eten online bestellen. Dit levert wisselende resultaten. Na wat gehannes met google translate rolt er meestal wel een bestelling uit, maar de kwaliteit hiervan wisselt tot nu toe nogal. Soms is het heerlijk, soms missen er delen van de bestelling, soms eindigen we met een kleffe hap. Uber Eats geeft als internationale organisatie de leukste screenshots: ‘Bedankt voor je bestelling, 伊琳’ (Yi Lin). Jawel, ik heb een nieuwe Taiwanese identiteit. Onmisbaar voor wie hier online iets wil bestellen.

De meeste locals gaan hier voor manier drie: onderweg naar huis wat afhalen bij één van de vele winkeltjes, stalletjes en marktjes. Rondom mijn universiteit is veel lekkers te vinden, dus doe ik voor mijn lunch inmiddels hetzelfde. Samen met mijn nieuwe Indonesische vriendin haal ik een ‘biandang’ (lunchbox) gevuld met groente, kip en rijst. Kosten: omgerekend 1,60 euro.

Het enige probleem tot nu toe is de timing van het avondeten. Voordat mijn lessen begonnen, had ik tijd zat om te koken. Nu haal ik dat vaak niet meer. Ook eten halen onderweg zit er niet in: met drie personen en twee tassen op de fiets past er niet ook nog een tas met eten bij. Wat ik nu dus maar doe: eten meenemen van één van de stalletjes rondom de universiteit en dat later opwarmen of gewoon koud opeten. Met de temperaturen hier is een warme maaltijd zeker niet altijd nodig en bovendien hebben we alle vier ’s middags ook al warm gegeten.

Onze vaardigheden qua eten gaan in elk geval met sprongen vooruit. Zo kunnen we inmiddels werkelijk alles met stokjes eten, van de kleinste korreltjes rijst tot frites. Ook leert Floris op school de belangrijke (weliswaar Japanse) basisvaardigheid ‘sushi rollen’. Dat zal van pas gaan komen als hij over een paar jaar voor ons gaat koken!

 

Konnichiwa!

Wanneer je eindelijk een paar woorden begint te herkennen. Floris netjes ‘xiexie’ zegt als hij een koekje krijgt. Je niet meer glazig hoeft te kijken bij het afrekenen, omdat je bedragen inmiddels aardig verstaat. Dan is het hoog tijd voor een nieuwe onbekende taal. Hallo Japan!

Nee, we gaan niet weer verhuizen, we hebben onze eerste vakantie achter de rug. En aangezien Japan al heel lang op mijn verlanglijstje stond, heb ik nu mijn kans gegrepen. Opeens is Japan ‘om de hoek’ en is een ticket zo geboekt. Overigens vinden de Olympische spelen in 2020 ook in Japan plaats en begint over 2 dagen de (internationale) kaartverkoop, dus mijn alarmen zijn gezet. Hoe, met wie, etc. is een latere zorg zullen we maar zeggen. Hier wil ik, zeker na de fantastische ervaringen in Londen, naar toe!

Japan dus. Ik had torenhoge verwachtingen. Wellicht had ik Japan wat opgehemeld door het zo lang op mijn verlanglijstje te laten wachten. Of had ik het in mijn hoofd nog mooier gemaakt door alle enthousiaste verhalen van mensen die er al geweest waren. Mooi was het zeker, zonder twijfel. Maar of ik nou overdonderd was door het land als geheel? Nee. En dat komt zeker ook doordat we nu in Taiwan wonen besef ik.

Wat ik erg indrukwekkend vond, was de natuur. Die hebben we dan ook uitgebreid (en met één à twee kinderen op de rug) bewonderd. Zelfs buiten het seizoen vind je hier en daar nog kersenbloesem. Ook apen kom je overal tegen en in Nara natuurlijk de herten. Ik had overigens nog nooit van Nara gehoord, totdat ik vlak voor onze vakantie toevallig dit las.

Ook het eten is in Japan vaak van grote schoonheid. We hebben een aantal keer in een traditionele ryokan geslapen en in één daarvan ook gegeten. Wat je dan geserveerd krijgt, vaak in je eigen kamer, ziet er indrukwekkend uit! Maar ik moet bekennen: de smaak viel me soms wat tegen en na een aantal dagen begint het toch op te vallen dat de variatie niet erg groot is.

Buiten de deur eten was een uitdaging, omdat lastig te zien was wat er zich achter de ‘gordijnen’ van een restaurant bevond. Zowel qua eten als qua kinderstoelen. Zo bleef het elke keer een grote verrassing en hebben we zowel top als flop ervaren.

Japans dinerQua cultuur had ik meer verwacht van Japan. Zeker, de kastelen zijn erg indrukwekkend en de treinen ook. Maar de vriendelijkheid waar Japanners om bekend staan valt voor mij in het niet bij de vriendelijkheid van de gemiddelde Taiwanees. En de Japanse tempels zijn ook heus heel mooi. Maar onze lat ligt inmiddels hoog: in Tainan staan meer dan 1.600 officieel geregistreerde tempels in alle soorten en maten, dus je moet van goeden huize/tempel komen om mij nog te imponeren!

Maar wat voor mij de echte cultuurshock was: Japanners en het V-teken op foto’s. Ik wist dat ze het doen, maar dat het echt overal en altijd gebeurt was nieuw voor mij. Zie de voorbeelden hieronder. De setting: de Mishima skywalk, een reusachtige hangbrug over een mooi groen dal waarop je bij goed weer Mt. Fuji kunt zien. Wat doet een Japanner hier? Op de foto, met V-teken, met een hartvormige bloemenkrans. En dan snel door naar de rij bij spot nummer twee, om op de foto te gaan, met V-teken, met de skywalk. Waarom?!

Inmiddels zijn we weer thuis in Taiwan. Het huis voelt inmiddels al echt als thuis, al moeten er nog wel wat dingetjes aan gebeuren. Maar ja, is dat niet in elk thuis het geval? Binnenkort beginnen mijn taallessen eindelijk. En daar kijk ik erg naar uit, want het tripje naar Japan doet me weer extra beseffen hoe zat ik het ben om hele dagen thuis te zitten en maar beperkt dingen te kunnen ondernemen. Schoolbank, ik kom er aan!